Doorbraak in de behandeling van uitgezaaide dikkedarmkanker voor patiënten met bijzonder genetische kenmerk

Studie toont aan dat immuuntherapie ook werkt bij dikkedarmkanker

Maandag 29 oktober 2018 — Onderzoekers stellen ongeziene resultaten vast bij patiënten met een uitgezaaide dikkedarmkanker die behandeld worden met immuuntherapie. Dit blijkt uit de resultaten van de CheckMate-142 klinische studie die op maandag 22 oktober werden voorgesteld op het European Society for Medical Oncology (ESMO) congres in München (Duitsland). Enkel dikkedarmkankerpatiënten met micro-satelliet instabiliteit (MSI) konden deelnemen aan deze studie die in België in drie oncologische centra loopt. Iets meer dan één op tien patiënten met dikkedarmkanker heeft dit bijzonder moleculair kenmerk. Eén jaar na aanvang van de behandeling had de uitgezaaide kanker zich bij meer dan 80% van de behandelde patiënten teruggetrokken en bij 77% van alle patiënten was de ziekte nog steeds onder controle. Minder dan 20% van alle patiënten ervaarde een ernstige nevenwerking, die meestal reversibel was. De resultaten zijn veelbelovend en bieden deze patiënten een betere zorg dan de huidige chemotherapie.

Genetisch kenmerk bepalend voor succes

Prof. Bart Neyns, afdelingshoofd Medische Oncologie en onderzoeker voor de CheckMate-142 klinische studie in het UZ Brussel: “Deze resultaten betekenen een doorbraak in de behandeling van patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker met kenmerken van MSI. De kans op succes is ongezien en duurzaam. Eén van de patiënten die in het kader van deze studie behandeld werd is een jonge man die na volledige verdwijning van zijn uitzaaiingen, nu reeds langer dan 2 jaar, de behandeling stopte zonder herval van zijn ziekte. Hij werd recent zelfs vader. Dit is dus een hoopvol signaal voor patiënten die geconfronteerd worden met een kanker die de 2de meest frequente doodsoorzaak is bij mannen en de 3de meest frequente doodsoorzaak bij vrouwen (1).”

Screening genetisch kenmerk vanaf de diagnose

In België is dikkedarmkanker de op twee na meest frequente kanker bij mannen en de op één na meest frequente kanker bij vrouwen. Het komt meer voor bij mannen dan bij vrouwen en treft vooral mensen die 65 jaar of ouder zijn (2).

“Bij de diagnose worden moleculaire karakteristieken echter nog te weinig onderzocht, terwijl die bepalend kunnen zijn voor het al of niet werken van bepaalde behandelingen, zoals immuuntherapie in het geval van MSI bij dikkedarmkanker. Daardoor vinden weinig patiënten hun weg naar deze klinische studie. Die screening is ook bij andere kankertypes van belang zoals baarmoederkanker, slokdarmkanker, maag- en blaaskanker waar MSI het vaakst voorkomt. Dit laat ons toe behandelingen meer gepersonaliseerd te gaan inzetten waarmee we de slaagkansen kunnen vergroten. De patiënt vaart daar wel bij en ook voor de besteding van het gezondheidsbudget is dit positief.”

Voorlopig is de behandeling met immuun-bevorderende geneesmiddelen (zogenaamde immuun checkpoint inhibitoren) voor uitgezaaide dikkedarmkanker enkel beschikbaar voor patiënten met MSI in het kader van de klinische studies die in ons land lopen in drie oncologische centra (UZ Brussel, UZ Leuven en Jules Bordet). Patiënten met MSI-H kunnen ongeacht het type van tumor ook voor immuuntherapie terecht in het kader van een klinische studie die enkel in het UZ Brussel plaatsvindt. Deze medicijnen bevorderen de werking van het lichaamseigen immuunsysteem en zijn reeds goedgekeurd voor de behandeling van andere kankers zoals melanoom huidkanker, longkanker, nierkanker, blaaskanker, hoofd- en halskanker en Hodgkin lymfoom. Eenmaal deze behandeling ook goedgekeurd en terugbetaald wordt zal ze ook voor dikkedarmkankerpatiënten een betere zorg bieden dan de huidige chemotherapie opties.

REFERENTIES:
(1) Kankerincidentie in België, Stichting kankerregister – Brussel 2008
(2) Kankerincidentie in België, Stichting Kankerregister – Brussel 2014

Prof. Bart Neyns, afdelingshoofd Medische Oncologie UZ Brussel - Foto: Thierry Geenen
Gina Volkaert Verantwoordelijke externe communicatie at UZ Brussel
Edgard Eeckman Woordvoerder at UZ Brussel